Nog even over A Campingflight to Lowlands Paradise. Want de organisatie van het driedaagse Flevopolderfestival Lowlands (dit jaar gehouden in het weekend van 21, 22 en 23 augustus) gaat er prat op dat ze de 55.000 enthousiaste festivalgangers naast een forse lading actuele muziek ieder jaar ook een prikkelend programma boordevol theater, comedy, dans, literatuur, beeldende kunst, film, wereldcuisine, wetenschap en politiek aan kunnen bieden. Maar over mode hoor je ze iets minder, daar in Biddinghuizen.
Lowlands is natuurlijk geen modeshow in traditionele zin, maar wel een plek waar steeds meer bezoekers zien en gezien willen worden, blijkens de enorme hutkoffers die sommige van de festivalklanten met zich meeslepen. Voor de uitvoerende artiesten is juiste kleding zelfs van vitaal belang. Hun imago staat of valt met hun al dan niet zorgvuldig bedachte garderobe, vaak in meer directe zin dan je in eerste instantie zou denken.
Want de uitdossing van artiesten verraadt vaak bij opkomst al wat er het komende uur op het podium gaat gebeuren. Of zoals Nico Dijkshoorn in zijn recente column op NU.nl over de band Moke schreef: “Moke, de enige band die muziek maakt die bij hun schoenen past.” Gedachtegang: als je als serieuze band per se een kleur drumstel wil die bij je kleding past, doe je iets niet goed.
Dat geldt dubbel en dwars voor het Engelse electropopdametje Little Boots (meisjes zijn natuurlijk altijd het haasje wanneer het op de modepolitie aankomt). De liedjes van Victoria Hesketh zijn extreem dansbaar en door de repeterende en aanstekelijke melodieën gemakkelijk mee te zingen. Toch weet zij het publiek in de India zondagmiddag maar matig te boeien.
Ondanks – of misschien juist dankzij – het gebruik van intrigerende instrumenten als de stylophone en tenori-on, is haar optreden te vlak, te statisch, te gespannen en bovendien gespeend van enige pit en vuigheid. Ze is misschien wel het best te omschrijven als Kylie Minogue light, maar dan duizendmaal degelijker dan de Australische zangeres en ontdaan van een eigen gezicht.
Had het publiek in het begin wat beter opgelet, dan had het kunnen weten dat Little Boots wat tegen zou gaan vallen; wanneer Victoria na één of twee nummers even bukt, tekent zich een oerdegelijke Hemaslip tegen haar zwarte jurkje af. Of haar slipje ook daadwerkelijk wit is, is niet te zien door haar strakke kleding. Maar het vermoeden rijst wel door die eveneens degelijk klinische show die ze geeft, verstoken van de grilligheden die een festivaloptreden zo bijzonder en onvergetelijk kunnen maken.
Hoe anders is dat bij Florence and the Machine, die dezelfde middag in de Charlie optreden. De band tovert de halfopen tent om tot een tijdelijke feeëntuin. Het podium van Florence Welch is rijkelijk bekleed met bloemen en aan de linkerkant staat een grote, sprookjesachtige harp. Zelf gaat de roodharige zangeres gekleed in een zwarte fladderjurk (maatje babydoll). Dankzij wilde en vrije dansjes op het podium gunt de rode furie het publiek meer dan eens een blik op haar met gouden pailletten beklede ondergoed.
Opmerkelijk is dat de liedjes van de jonge Florence Welch alle kanten op schieten. Ze kennen vele rafels in de vorm van tempowisselingen en onverwachte wendingen waardoor ze ondanks het poppy karakter niet zo makkelijk te verteren zijn als de strakke riedeltjes van Little Boots. Maar het sprankelende charisma, de oprechte charme en maffe hippiedansjes van Welch zwepen het publiek op, dat haar eensgezind tot één van de toppers van Lowlands 2009 kroont.
Tip voor Victoria Hesketh: doe als Florence Welch. Of beter nog, als Grace Jones. Ontspan! Doe eens iets geks op het podium. Ga eens hoelahoepen tijdens een liedje. Rook desnoods een jointje om wat losser te worden. Pin je niet vast op één identiteit, maar wissel dat strakke en beperkende jurkje met die stijve schoudervullingen eens in voor iets anders. Het haalt misschien wel wat vaart uit je optreden, maar je prikkelt in ieder geval wel meer dan je nu doet met je tutmutserij.